15dec2008
 

Voetbal & Seks

#211 – december 2008

Anton voert het woord. Hij vertelt over de bestuurswisselingen bij TABA. Over de continuïteit die gewaarborgd is. Over de verbouwing die later uitgebreid aan de orde zal komen. Naast hem knikt Arthur instemmend bij elk punt dat Anton noemt. Het vervult me met trots. Hier zitten we dan. Drie spelers van het vriendenteam TABA 3. Bij de club gekomen om een balletje te trappen en verder niets. En nu hoeven we alleen nog maar voor Anke een veldpositie te zoeken en het gehele bestuur bestaat uit TABA-3-spelers. Zouden we zomaar het besluit kunnen nemen van de zaterdag 3, als vlaggenschip van de vereniging, het eerste betaalde team uit de geschiedenis van TABA te maken. Maar dan zal de algemene ledenvergadering wel weer bezwaar gaan maken vanwege de hoge kosten. Mensen zijn zo materialistisch tegenwoordig.

Mijn blik dwaalt door de kantine. TABA 3 is bij deze algemene ledenvergadering uitstekend vertegenwoordigd. Daar zit Jos. Eén van onze laatste aanwinsten. En bijzonder actief in de club als onder andere materiaalman. En Frank dan. Zit hier voornamelijk in zijn hoedanigheid van trainer/coach van de zondag 1. Althans, dat neem ik aan. Dat hij straks niet gaat zeggen: “Voorzitter, als keeper van TABA 3 wil ik graag het volgende te berde brengen….” En onze Freek. Veldaanvoerder van TABA 3. Een belangrijke functie. Maar hier toch vooral aanwezig als lid van de Technische Commissie van de jeugd. En kijk nou. Henk. Die zit hier gewoon als kritisch TABA-lid. Die betuigt middels zijn aanwezigheid zijn solidariteit met ons. Dat geeft een warm gevoel.

Verder weinig seniorenleden. Wel veel veteranen. Natuurlijk. Velen zijn actieve jeugdbegeleiders. Hier zitten allemaal positief gestemde mensen bij elkaar die hun vrije tijd in de voetbalclub TABA steken. Om zo een actieve bijdrage te leveren aan een betere wereld. Zo is het toch zeker? Ik schrik op uit mijn mijmeringen als ik Anton het woord Seniorencommissie hoor zeggen. Straks is het mijn beurt om iets te zeggen. Nog even overweeg ik mijn woorden. Ik moet iets zeggen over de cultuuromslag die bij de senioren zal moeten plaatsvinden. Het verschijnsel vriendenteam staat op gespannen voet met de doorstroming van de jeugd. Ja, dat klinkt goed. En dat ik dan zelf, juist als vertegenwoordiger van het vriendenteam bij uitstek – TABA 3 – de ladder zal zijn waarlangs de seniorencommissie omhoog klimt. Na deze taak te hebben volbracht kan de ladder worden afgedankt en neem ik mijn ontslag als deeltijdsecretaris dezer vereniging. Als deze woorden de zaal niet plat krijgen, nou, dan weet ik het niet meer. Die Corazón, zullen ze allemaal zeggen, die weet het maar weer mooi onder woorden te brengen.

Popelend wacht ik tot Anton eindelijk uitgepraat is. Plotseling neemt Aad het woord. “Bert en ik zullen de doorstroming van de jeugd gaan begeleiden naar de zondagafdeling,” zegt hij stellig. Er ontstaat een levendige discussie over het hoe, wat en waarom. Uiteindelijk vat Anton het geheel samen. “Mooi, dat lijkt dus allemaal in orde te komen, en, eh, misschien wil Corazón dan nog wat zeggen, over de, eh, zaterdagsenioren, wellicht?” “Bij de zaterdagsenioren streven wij ernaar in een zo laag mogelijke competitie uit te komen,” begin ik. Ik wacht even tot er een verontwaardigde frons op Aads voorhoofd verschijnt en vervolg dan met: “Maar de tijden zijn veranderd. De seniorencommissie moet er komen. Ook met de zaterdagafdeling erbij.” Vol verbazing kijkt Aad me aan. “Colofon, ik weet niet wat ik hoor!” roept hij uit.

Rolando de Corazón

Voetbal & Seks

#214 – mei 2009

We zitten in het gras voor de kleedkamers van TABA en kijken hoe onze tegenstanders daar aan de zijkant van veld 2 hun kampioenschap vieren. Daar komt vanzelfsprekend een spuitende fles champagne aan te pas. Het is een vrolijke boel. “Ga jij je in Spanje nu ook Corazón noemen, Corazón?” vraagt de jonge Bastiaan me. Ik neem bedachtzaam een slokje van mijn bier en antwoord dan: “Dat denk ik niet, Bastiaan. Jaren geleden was ik eens in Zuid-Amerika en toen ging ik ook als Corazón door het leven. Nou, dat heb ik geweten; ze zingen nog steeds de hele tijd liedjes over me.” “Maar blijf je wel schrijven voor de TABA-Treffer?” gaat de jonge Bastiaan verder.

“De TABA-leden zitten vast niet te springen om een Voetbal & Seks waar geen voetbal in voorkomt.” “Nou, ik wel hoor,” antwoordt de jonge Bastiaan enthousiast. Dan kleurt zijn gezicht rood en volgt hij aandachtig de verrichtingen van TABA 4, die net als wij daarnet kansloos lijken te gaan verliezen. “Maar je stopt dus echt met voetbal,” zegt Anton ongelovig. “Dat zou zo maar kunnen.” “En tot wanneer blijf je in Spanje?” Een goede vraag. “Ik weet het echt niet. Het is enorm spanjend allemaal.”

Anton lacht bereidwillig om mijn flauwe grap en vraagt: “Maar ben je niet bang voor een carrièrebreuk? Je hebt jezelf net opgewerkt van teamleider tot wedstrijdsecretaris. Je hebt een vaste column in de TABA-treffer.” Ik pak nog een biertje uit het krat en bedenk me dat dit wel eens de laatste competitiewedstrijd zou kunnen zijn geweest die ik gespeeld heb. En dat was niet erg best. De eerste de beste bal die ik raakte legde ik panklaar neer voor de gretige spits van Zeeburgia. Ook daarna deed ik een werkelijk alles fout. Al mijn passjes waren te kort, te zacht en te onzuiver. Ik durfde me daardoor ook niet meer aan te bieden. De rest van het team hield ondertussen manmoedig stand, althans tot de laatste tien minuten. En ik liep daar een beetje verdwaasd rond op dat afgeragde veld 2, net alsof ik al afscheid had genomen van dat hele voetbalgebeuren.”

Ik word uit mijn mijmeringen gestoord door Anton. “Hé Corazón, zit je te broeden op je afscheidscolumn? Deel dat wedstrijdformulier eens uit, man, het krat is leeg.” Langzaam sta ik op en overdenk mijn woorden. Nee, aan mezelf kan ik hem niet met goed fatsoen uitreiken. Hoewel de gelegenheid gepast is. Maar er komt nog een toernooi. Het Ossie Fawaka toernooi. Een belangrijk moment elk jaar. En daar ga ik de sterren van de hemel spelen. Ik ga er voor trainen. En in Spanje? Voetballen natuurlijk! Met krachtige stem verkondig ik: “Heren, het is weer tijd voor het moment waarvoor mensen naar de voetbalvelden komen! De uitreiking van het wedstrijdformulier!” De jongens van Zeeburgia kijken even op omdat ze denken dat de woorden voor hen bestemd zijn. Daarna gaan zij weer verder met hun kleine feestje, terwijl ik de namen noem van de spelers die dit keer genomineerd zijn.”

Rolando de Corazón

112