31okt2007
 

Voetbal & Seks

#197 – oktober 2007

Verleden jaar deed hij al eens een paar wedstrijden met ons mee. Danny. Toen al gold hij als een aanwinst. Snel. Goed schot. Mooie voorzet. En hij durfde zich ook behoorlijk te uiten in dit zoveel oudere team. Soms verstonden we hem niet. De straattaal van de moderne jeugd. Vol marokkaanse en surinaamse leenwoorden. Dan trad de jonge Bastiaan als tolk op. “Hij baalt er enorm van dat we weer verloren hebben, weet je wel,” legde de jonge Bastiaan ons dan uit. Ja, dat begrepen we wel. We knikten instemmend. En we dronken proostend onze biertjes. Vol onbegrip keek Danny ons aan.

Hij raakte geblesseerd tijdens een van zijn karakteristieke acties. Een snelle rush achter een diepe voorzet aan. De keeper zag de bui al hangen en raakte hem hard. Ondersteund door twee medespelers verliet Danny hinkend het veld. We verloren de wedstrijd, vanzelfsprekend. En we verloren Danny. We zagen hem af en toe nog terug in de kantine van TABA. Dan wees hij ons steeds weer nieuwe blessures aan. Tot eind vorig seizoen. Bij het Ossie Fawaka speelde hij met ons mee. Met zijn vriend Ricardo. Samen wilden ze zich graag bij het team voegen.

Het is zaterdag 14 oktober. Danny zit mokkend langs de zijlijn. Reserve. En dat terwijl er bij TABA helemaal geen aanvallers in het veld staan. Wat is dat voor regel dat de eerste elf die komen altijd in de basis beginnen? Zeker weer van die Corazón. Die is er altijd twee uur van tevoren. En die heeft een fiets. Kijk nou. Staat Ricardo weer buitenspel. Is ook geen spits. “He opletten, man, da’s al de derde keer!” galmt zijn stem over Drieburg. Dan gaat hij eindelijk het veld in. Een aanvalscombinatie mislukt. Hij vertelt Pieter hoe hij de bal had willen hebben. “Hé, Danny, hou nou eens op, man,” roept Corazón. Verontwaardigd keert Danny zich om. “Zo hoeft het voor mij niet meer!” roept hij. En hij verlaat het veld.

Het loopt al tegen zevenen. De spelers van TABA staan buiten voor de kantine. Schitterend herfstweer. De verloren wedstrijd lijkt vergeten. Er wordt gepraat. Er wordt gelachen. Danny staat er ontspannen bij. Voert het hoogste woord. Corazón ziet het vanuit de deuropening met een vaderlijke glimlach aan. Het komt allemaal wel weer goed.

Rolando de Corazón

115