20okt2006
 

Robin en Osama

#002 – oktober 2007

Robin was er niet zaterdag. Vorige week was hij om half tien pas komen opdagen, in de rust. Toen de rest al met 6 – 1 achterstond. Eerst had hij zich vergist in de tijd. Daarna zei hij dat het wel erg ver fietsen was. In de tweede helft kwamen er nog maar drie doelpunten bij. Misschien dat het hielp, dat Robin er bij was. Ik denk van wel. Zo’n grote laatste man. Bijna een kop groter dan de rest. Langs de kant vroegen ze of ze zijn paspoort mochten zien. Toch is Robin nog steeds pas acht, al moet hij al zoveel zelf doen. Misschien dat er daarom dingen niet goed lukken. Op tijd komen. Of de deur opendoen en meegaan als hij voor een uitwedstrijd wordt opgehaald. Robin deed de deur niet open, afgelopen zaterdag. Misschien dat het niet mocht van z’n broer, misschien wilde hij gewoon niet. Misschien dat het hem weer allemaal boven het hoofd groeide, al die dingen die hij alleen moest regelen. Waarbij niemand hem lijkt te helpen. We weten het allemaal niet, want na een kwartier was de deur nog steeds dicht. Toen is er zonder Robin gespeeld. En gewonnen, want Osama was er wel. In de spits. Twee schoot hij erin, en één op de lat. Hij had nog gebeld, om vijf over acht, of ik hem alstublieft wilde ophalen. Dat had ik al met z’n vader afgesproken, maar toch; je weet maar nooit. Daarom belde hij. Voor de zekerheid.

Piet Oomes

91